31/05/2026
Waarom de rechtstreekse vordering van de onderaannemer “alleen per brief” te riskant is.
Onderaannemers krijgen bij wanbetaling door de hoofdaannemer vaak het advies om zo snel mogelijk per aangetekende brief een zgn. “rechtstreekse vordering” in te stellen tegen de bouwheer/bouwpromotor (de opdrachtgever), omdat dat in de praktijk sneller en goedkoper is dan dagvaarden.
Die rechtstreekse vordering geeft u als onderaannemer een eigen recht op betaling door de opdrachtgever, maar enkel voor zover die op dat moment nog iets verschuldigd is aan de hoofdaannemer (art. 1798 oud BW). U tapt dus in op wat er nog bij de opdrachtgever “in de pijplijn” zit.
Over het lot van een rechtstreekse vordering die enkel per aangetekende brief werd ingesteld, bestaat er echter geen eensgezindheid als de hoofdaannemer daarna failliet gaat. Sommige rechters vinden een brief voldoende, andere eisen een dagvaarding. Het Hof van Cassatie heeft dit punt nog niet definitief beslecht.
Wél staat vast dat de rechtstreekse vordering alleen werkt zolang de vordering van de hoofdaannemer op de opdrachtgever nog “beschikbaar” is in zijn vermogen. Vanaf het faillissement is dat niet langer het geval (art. XX.110 WER). Stuurt u dus alleen een brief en gaat de hoofdaannemer nadien failliet, dan riskeert u dat de rechter uw vordering op de opdrachtgever afwijst en u gewoon moet aansluiten bij de andere schuldeisers in het faillissement van de hoofdaannemer (met beroep op uw voorrecht, art. 20, 12° Hypotheekwet).
Om dat risico te vermijden adviseren wij een quasi gelijktijdige drietrapsaanpak:
1. een aangetekende brief aan de opdrachtgever waarin u uw rechtstreekse vordering ondubbelzinnig inroept;
2. gelijktijdig een bewarend beslag onder derden in handen van de opdrachtgever, met in hetzelfde exploot opnieuw de aanzegging van de rechtstreekse vordering. Zo bevriest u de betaalstroom richting hoofdaannemer én dwingt u de opdrachtgever om mee te delen welke bedragen hij nog verschuldigd is;
3. aansluitend de dagvaarding ten gronde van de opdrachtgever op basis van de rechtstreekse vordering. Dat is de enige stap die u met zekerheid buiten de samenloop met de andere schuldeisers plaatst bij een eventueel faillissement van de hoofdaannemer.
Zo vrijwaart u maximaal uw verhaalsmogelijkheden op de opdrachtgever en vermijdt u de risico’s van de samenloop in het faillissement van de hoofdaannemer.
Feel free to 👍 of druk op 🔔 bovenaan mijn profiel voor meer tips.
Akurad Gent
[email protected]
Tel. 09/277.01.03
Akurad Roeselare
[email protected]
Tel. 051/20.31.51
Advocaten